Milieuhinder

Er zijn verschillende vormen van milieuhinder:

  • Geluidshinder of lawaaihinder
  • Stank of geurhinder
  • Rookhinder
  • Lichthinder
  • Bodemverontreiniging
  • Verontreiniging door afval, sluikstorten of zwerfvuil
  • Onkruidverspreiding van bij de buren
  • Ratten of ander ongedierte

Probeer -indien mogelijk- altijd eerst in dialoog te gaan met diegene die de hinder veroorzaakt. Maak duidelijk wat je stoort, wanneer het stoort en waarom het stoort. Licht het probleem toe op een niet-aanvallende manier. Als je dat doet op een moment dat de hinder zich niet voordoet, kan je het probleem meestal rustiger uitleggen.

Als de dialoog niets oplevert, meld je milieuklacht dan bij de dienst grondgebiedzaken, sectie milieu. De milieuambtenaar, die over een VLAREM-bekwaamheidsbewijs beschikt, treedt op als bemiddelaar. De bemiddelaar kan dan, als dat nodig is, de normen, de milieuwetgeving, het gemeentelijke bouwreglement of het politiereglement toelichten. De bemiddelaar kan dan aansturen op duidelijke afspraken tussen beide partijen.

De bemiddelaar kan ook doorverwijzen naar de bevoegde dienst: politie (politiereglement), vredegerecht (burenruzie), Vlaamse Milieu-inspectie (bedrijven klasse I of IIA, evt. klasse II of III), Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid (gezondheidsklachten bedrijf), Mestbank Vlaamse Landmaatschappij (hinder uitrijden mest) of OVAM (historische bodemverontreiniging)

Het milieuklachtenregister wordt jaarlijks geëvalueerd met het oog op een bijsturing van het beleid.

Voor dringende kwesties buiten de kantooruren kan je contact opnemen met de politie (tel. 09 240 74 00 of tel. 101). Zij hebben de bevoegdheid om ter plaatse de hinder vast te stellen en om op te treden bij overtredingen. Dat kan door aanmaningen of door een proces-verbaal. Ook zij kennen de plaatselijke toestand en de specifieke wetgeving.