Ongeschikt en onbewoonbaar

Alle woningen in Vlaanderen moeten voldoen aan de elementaire veiligheids-,  gezondheids- of woonkwaliteitsvereisten van artikel 5 van de Vlaamse Wooncode.
Alleen woningen of kamerwoningen die niet aan de minimale kwaliteitsnormen voldoen, kunnen ongeschikt en/of onbewoonbaar verklaard worden, gebouwen zonder woonfunctie (vb. fabriekspand) niet.
Deze wettelijke kwaliteitsvereisten zijn absolute minimumnormen voor alle bestaande woningen. De belangrijkste vereisten zijn:

  • Minimale voorzieningen, zoals keuken, toilet, bad of douche, gootsteen en drinkbaar water
  • Structurele stabiliteit van het gebouw
  • Veiligheid van trappen en aanwezige installaties (gas, elektriciteit, verwarming)
  • Geen vochtproblemen
  • Mogelijkheid tot voldoende en veilige verluchting en natuurlijke verlichting
  • Vrije toegankelijkheid

Wonen-Vlaanderen voert het technische onderzoek van de woning uit en adviseert de burgemeester over ongeschiktheid of onbewoonbaarheid ervan. De burgemeester hoort de betrokken partijen (verhuurder en bewoners) en neemt een eindbeslissing. Met een besluit kan de burgemeester de woning ongeschikt en/of onbewoonbaar verklaren.


Elke woning die door de burgemeester ongeschikt en/of onbewoonbaar is verklaard, wordt opgenomen op een Vlaamse inventaris.
Een ongeschikte woning betekent dat jouw woning heeft minstens 15 strafpunten. Die strafpunten vind je op het technisch verslag van het woningonderzoek.
Een onbewoonbare woning betekent dat de bewoning een veiligheids- en/of gezondheidsrisico inhoudt.
Als eigenaar van een ongeschikte of onbewoonbare woning is het de bedoeling dat je jouw woning zo snel mogelijk weer in orde brengt. Als de woning na een jaar nog steeds op de inventaris staat, zal je als eigenaar een heffing moeten betalen, tenzij de inventarisbeheerder je een vrijstelling of schorsing heeft toegekend.  


Voorwaarden en procedure:

zie https://www.vlaanderen.be/ongeschikt-of-onbewoonbaar-verklaren-van-een-…